De studiemiddag over "De mens in de zorg" mocht zich verheugen in ruim 75 aanwezigen. Onder leiding van dagvoorzitter Roel van der Voort belichten vier sprekers het thema.
"> De studiemiddag over "De mens in de zorg" mocht zich verheugen in ruim 75 aanwezigen. Onder leiding van dagvoorzitter Roel van der Voort belichten vier sprekers het thema.
" /> CSLK - Nieuws

Centrum voor de Sociale Leer van de Kerk - CSLK






RSS en Delen

link naar de RSS Feed van de laatste nieuwsberichten meld deze pagina op Twitter meld deze pagina op Facebook

Aandacht voor de mens in de zorg

Geslaagde studiemiddag op vrijdag 23 mei

gepubliceerd: zaterdag, 24 mei 2014
Aandacht voor de mens in de zorg

De studiemiddag over “De mens in de zorg” mocht zich verheugen in ruim 75 aanwezigen. Onder leiding van dagvoorzitter Roel van der Voort belichten vier sprekers het thema.

Als eerste spreker stelde Martin Buijsen, hoogleraar aan de Erasmus Universiteit, de fundamentele vragen aan de orde, zoals de morele status van de  gezondheidszorg, de keuze van het mensbeeld bij recente stelselwijzigingen, de omvang van de noodzakelijke gezondheidszorg, de gelijke kansen op toegang tot de zorg, de effecten van de marktwerking en de verschillen die kunnen ontstaan bij gelijke zorgbehoeften en tenslotte rechtvaardigheid als er sprake is van rantsoenering van de zorg. 

Fred van Iersel, theoloog en bijzonder hoogleraar vraagstukken geestelijke verzorging bij de krijgsmacht aan de Faculteit Katholieke Theologie van Tilburg, bekeek het thema op uitvoerige wijze vanuit de Sociale Leer van de Kerk; hoe is de menselijke waardigheid, hét basisprincipe van de Sociale Leer, in de huidige Zorg gewaarborgd?

Hoe wordt deze waardigheid wordt gegarandeerd bij de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning besprak Erik Sengers, staflid Dienst caritas bisdom Haarlem-Amsterdam, spreken. Aan de hand van de WMO aanpak in Amsterdam-Zuid werden kritische aantekeningen gemaakt bij de rol van de plaatselijke overheid in het werven van vrijwilligers ten behoeve van de WMO werkzaamheden en het, omwille van louter bezuinigen, buitenspel zetten van het maatschappelijke middenveld. De zgn. kanteling van de gezondheidszorg, waarbij niet meer uitgegaan wordt van puur zorgaanbod als recht, werd genoemd als een gegeven waarbij de overheid steeds meer binnen dringt in de privacy van de zorgbehoevende burger. 

De vierde bijdrage kwam van Thea Broens, als verpleegkundige pijnspecialst werkzaam in de zorg, en betrof de menselijkheid in de dagelijkse zorg. Zij stelde dat de intrede van de kwaliteitszorg processen en protocollen een centrale plaats kregen in de zorg, gepaard gaande met een grote administratieve last ten behoeve externe controle. Door de marktwerking werden zgn. behandelproducten gedefinieerd, concurrentie tussen ziekenhuizen ontstond en de rol van de ziektekostenverzekeraar werd steeds groter. De mens als subject van de zorg werd steeds meer een object ervan. Een pleidooi werd gehouden voor meer menselijkheid, een integrale benadering in de zorg voor de mens.

Na de vier inleidingen ontstond er een levendige discussie met de zaal, een geslaagde middag. Het centrum hoopt met deze studiemiddag een bijdrage gegeven te hebben aan de discussie over een menswaardige vormgeving van de Zorg in de toekomst. De lezingen worden gepubliceerd in de serie Publicaties van het Centrum voor de Sociale Leer van de Kerk.